Achteruitkijkspiegel
- Martin
- 2 jan
- 2 minuten om te lezen

“Dit is de tijd om achterom te kijken…”
LinkedIn, Facebook en andere socials overstromen met terugblikken op 2025. Niks mis mee natuurlijk, alleen kijk ik liever vooruit. Niet dat dit een rotjaar was (bij vlagen wel trouwens), maar ik leef nu en wie weet morgen. Kijk je te veel in je achteruitkijkspiegel, dan mis je wat voor je ligt.
“Goede voornemens dus!”
O god nee, daar ben ik al lang geleden mee opgehouden. De weg naar de hel is ermee geplaveid. Je gedrag veranderen, laat staan wie je bent: vergeet het maar. De teleurstelling dat het je wéér niet is gelukt, is groter dan de omvang van het voornemen.
Doormodderen dan maar? Eigenlijk wel, althans in de basis. Dat wil niet zeggen dat ik dingen niet anders kan doen. Ik probeer het wenkend perspectief voor ogen te houden. Verlang ik daar voldoende naar, dan zal ik mij daarnaar moeten gedragen. Niet door enorme stappen te zetten, met grootse koerswijzigingen en alles anders doen; dat is tot mislukken gedoemd. Het toverwoord voor mij is tweaken: kleine aanpassingen doen die mij in een bepaalde richting bewegen.
Een voorbeeld. Ik merk dat boek twee véél moeilijker te schrijven is dan Boreling. Ed Kowalczyk, de zanger van de band Live (je weet wel, van het prachtige I Alone), zei het onlangs treffend: “Ik heb mijn hele leven geschreven aan de songs op ons debuutalbum. Hoe evenaar ik dat als ik maar een jaar heb voor de liedjes op de tweede plaat?”Daar komt bij dat ik ondertussen véél meer weet van schrijven dan bij mijn eerste boek – de onbevangenheid die ik toen had, is weg. Ten derde: iedereen die beroepsmatig met mij meekijkt, vindt er wat van. Was dat nou uniform, dan is het makkelijk. Maar het zwenkt alle kanten uit. De een zegt stellig dit, de ander is overtuigd van dat. En ik heb de neiging naar hen allemaal te luisteren – maar dat is onmogelijk. En wat doe ik dan? Niets. Nou ja, eromheen prutsen, nog eens iets uitzoeken, een stukje tekst uitkauwen. Maar zo schrijf je geen boek. Vermoeiend hoor, frustrerend ook, ik schiet er geen zak mee op.
Al bladerend door mijn aantekeningen kom ik een mail tegen van Door de Flines, ervaren boekmaakmonster en schrijfcoach. Haar heb ik twee jaar geleden het ruwe materiaal laten lezen waar boek twee uit moet ontstaan. Ze mailde mij dit: “Ja, dit boek wil geschreven worden en ja, jij bent bij uitstek degene die dit kan.” Nou ja, als Door het zegt is het één ding, maar als het boek zelf roept om geschreven te worden, wie ben ik dan om te aarzelen?
Let’s go! Ik ruk de achteruitkijkspiegel eraf. Vooruit met die geit. Elke dag een stukje. Niet te veel teruglezen, niet twijfelen, niet vrezen. Schrijven. Daarna zien we wel weer verder.




Opmerkingen